Duurzaamheidsvisie FrieslandCampina: ‘We moeten het samen doen’

0
Leestijd: 5 minuten

Een positieve impact op boeren, samenleving en planeet, dat beoogt FrieslandCampina met haar nieuwe duurzaamheidsvisie. Daarin speelt ‘On the way to Planet Proof’ ook de komende jaren een belangrijke rol. “We liggen op schema om in 2050 volledig CO2-neutraal te zijn.”

In het jaar dat de coöperatie 150 jaar bestaat, kiest FrieslandCampina er nadrukkelijk voor deel uit te maken van de oplossing van het klimaatvraagstuk. In de duurzaamheidsvisie ‘Nourishing a better planet’ zet het zuivelbedrijf uiteen hoe het de CO2-uitstoot verder reduceert, terwijl het tegelijkertijd een bijdrage levert aan het voeden van een groeiende wereldbevolking. Daarbij kiest FrieslandCampina doelbewust voor het verbeteren van de positie van de eigen achterban, de boeren. Director Sales & Trade Marketing: “Onze melkveehouders hebben dringend betere inkomsten nodig om in de verdere verduurzaming van de zuivelsector te kunnen investeren. Je kunt niet groen doen als je rood staat.”

Verantwoordelijkheid nemen

Betere inkomsten voor de boer is dan ook één van de zes pijlers van de duurzaamheidsvisie van FrieslandCampina. De andere pijlers zijn:
• Betere voeding. Hoe voed je een groeiende wereldbevolking? Onder meer met zuivel als bron van gezonde, lekkere en betaalbare voeding.
• Beter klimaat. CO2-neutraal in 2050 door de toepassing van schone energie, het verminderen van emissies en door CO2-vastlegging.
• Betere natuur. De boerderijen van leden spelen een belangrijke rol bij het behoud van biodiversiteit. FrieslandCampina heeft daarvoor een Biodiversiteitsmonitor ontwikkeld.
• Betere verpakkingen. Verpakkingen worden zo snel mogelijk 100% circulair en CO2-neutraal gemaakt. Op dit vlak zijn al aanzienlijke stappen gezet maar volgen er zeker meer (zie ook het kader verderop).
• Betere inkoop: 100% duurzame grondstoffen. Bijvoorbeeld: De grondstof die het bedrijf het meest gebruikt komt uit de eigen keten: zuivel. Maar ook buiten de keten is duurzaam en transparant inkopen van onder meer landbouwgrondstoffen en verpakkingen een prioriteit.

Vertrekpunt van de duurzaamheidsvisie van FrieslandCampina is de overtuiging dat zuivel ook in de toekomst een belangrijke rol blijft spelen in het voedingspatroon van mensen en dat je zuivel in ons land relatief efficiënt kunt produceren. Van Staveren: “En omdat we de hele keten beheersen – van gras tot glas – zijn we als FrieslandCampina in staat een grote bijdrage te leveren aan de verduurzaming van de sector. Er rust een grote verantwoordelijkheid op onze schouders en daarom willen we hierin ook het voortouw nemen.”

85% Planet Proof

Dat deed FrieslandCampina al toen het besloot aan te sluiten bij het ‘On the way to Planet Proof’-keurmerk. In dat kader werkt het zuivelconcern al aan de verduurzaming van de productielocaties door bijvoorbeeld de toepassing van groene stroom of het terugdringen van het waterverbruik. Ook verpakkingen worden in dat kader onder handen genomen. Minder plastic en steeds vaker herbruikbaar. En uiteraard ook de logistiek. “Maar onze aandacht gaat natuurlijk verder: we zijn immers onderdeel van een coöperatie! Dus het gaat ook om grote duurzaamheidsstappen op de boerderij. Onze leden willen verduurzamen en wij moeten ze daarbij helpen”, aldus Van Staveren.

Inmiddels is zo’n 85% van het Campina-merk Planet Proof. Enkele productielocaties waar Campina-producten worden verwerkt voldoen nog niet aan de criteria en daarom mogen deze producten het keurmerk niet dragen. “Maar ook die resterende 15% willen we Planet Proof hebben en daar werken we op dit moment hard aan.”

Aandeel huismerken groter

Behalve de vorderingen op het gebied van de verduurzaming constateert Van Staveren dat On The Way to Planet Proof als keurmerk ook steeds meer bekendheid geniet; het merk is toepasbaar op verschillende categorieën, maar specifiek voor zuivel richt het zich op strenge eisen over meerdere onderdelen tegelijk en deze eisen worden periodiek aangescherpt. Kort samengevat gaat dit vooral om koe, natuur en klimaat. “We kunnen als bedrijf nog zo ons best doen, uiteindelijk moet ook de consument de meerwaarde van het keurmerk inzien. Ongeveer een derde van het zuivelvolume in de supermarkten is inmiddels On The Way To Planet Proof. “We vinden het daarom ook zo belangrijk dat het een open standaard is die extern gecertificeerd wordt. Iedereen die zich committeert aan de uitgangspunten en aan de criteria voldoet kan eraan meedoen.”

Dat FrieslandCampina op de goede weg is laat ook de recente uitverkiezing van Campina als meest duurzame zuivelmerk in de Sustainable Brand Index zien. “Campina staat in die index zelfs genoteerd als vierde foodmerk. Ik denk dat On The Way To Planet Proof daar zeker aan bijgedragen heeft. Tegelijkertijd zorgt de opzet van het keurmerk ervoor dat je niet achterover kunt leunen; elke drie jaar worden de criteria immers verder aangescherpt. Het mooie daarvan is dat we continu op zoek zijn naar waar we verder kunnen verbeteren op het gebied van duurzaamheid. En dat geldt dus niet alleen voor ons maar voor iedereen die zich eraan committeert. Zo zorg je ervoor dat niet een hand vol maar een land vol boeren blijft verbeteren en dat zij er ook nog eens voor worden beloond.”

Betere verpakkingen
Een hele tastbare vorm van verduurzaming betreft die van de verpakkingen. Ook hierin laat FrieslandCampina zich niet onbetuigd. Zo verdwenen eerder al (vanaf februari) de plastic doppen van de zuivelpakken van Campina Biologisch. Maar er volgt meer:
• Met ingang van april worden alle PET-verpakkingen van Chocomel, Fristi en Friesche Vlag omgezet naar recyclebare verpakkingen (rPET).
• Met ingang van mei worden de plastic cups van Campina-kwarkproducten vervangen door papieren cups.
• Later dit jaar wordt de hoeveelheid plastic in de verpakkingen van Milner met 30% gereduceerd, onder meer door de plastic velletjes tussen de plakken te vervangen.
• Tenslotte zal dit jaar ook van alle blikverpakkingen de plastic sleeve vervangen worden door een kartonnen omverpakking

Van Staveren wijst er verder op dat het aandeel van de huismerken binnen Planet Proof al groter is dan het merkstuk. “We zien ook dat het keurmerk steeds breder door de retail omarmd wordt, zowel in het aantal sku’s als ook in de verschillende categorieën; naast zuivel bijvoorbeeld ook in de categorie kaas. Zo is het ook bedoeld, want met velen maak je meer impact.” Van Staveren merkt dat de vraag om te verduurzamen bij de handel toeneemt en dat het A-merk daarbij gevraagd wordt het voortouw te nemen. “En dat is precies de rol die we voor onszelf weggelegd zien; een ontwikkeling op gang brengen en daarmee waarde creëren, enerzijds voor onze boeren, anderzijds voor de handel. We moeten het immers samen doen.”

Groeiende wereldbevolking

Dat geldt ook voor het gesprek dat op landelijk niveau moet plaatsvinden. Overheid, maatschappelijke organisaties, retailers en producenten moeten er samen uit zien te komen. “We kunnen niet allemaal ons eigen plan trekken en verwachten dat je daarmee zoiets als de stikstofdiscussie oplost. Consumenten vinden zuivel uit eigen land – eiwit van eigen gras – steeds belangrijker en boeren hebben recht op duidelijkheid. Ze zijn bereid om verder te verduurzamen als daar een reëel toekomstperspectief tegenover staat. Onze duurzaamheidsvisie schetst dat perspectief: 2050 100% CO2-neutraal, minstens 33% reductie in 2030. We liggen precies op schema en daar zijn we volledig transparant over. Bovendien zijn het harde en controleerbare cijfers.”

Het gaat om lange termijndoelen en tussentijdse doelen op klimaat en natuur. Zo wil FrieslandCampina CO2-neutraal zijn in 2050 en in 2030 de uitstoot al met een derde verlaagd hebben ten opzichte van 2015. “Daarnaast gaan we ook voor een positieve impact op biodiversiteit. Daarom bouwden ook al een Carbon Footprint Monitor en een Biodiversiteitsmonitor, zodat we op boerderijniveau weten waar we staan en kunnen verbeteren. Meetbaar, transparant en samen.”

Duurzaamheidsvisie - FrieslandCampina

De zes pijlers van ‘Nourishing a better planet’, de nieuwe duurzaamheidsvisie van FrieslandCampina.

De versnelling in verduurzaming is volgens Van Staveren nu duidelijk merkbaar, maar daarnaast staat met name ook gezondheid (de eerste pijler van de duurzaamheidsvisie, red.) sterk in de belangstelling. “Door corona is de aandacht daar extra op gevestigd. We hebben de afgelopen jaren al veel suiker en zout uit onze producten gehaald, maar je moet het geleidelijk doen om mensen aan de smaak te laten wennen. Dat is overigens iets wat we vooral in Nederland en andere westerse markten doen, in veel niet-westerse landen ligt de nadruk voor FrieslandCampina vooral op het leveren van betaalbare en kwalitatieve voeding, want dat is nog op te veel plekken in de wereld niet vanzelfsprekend. In die zin is de discussie over de zuivelsector in Nederland soms een lastige wanneer je weet dat zuivel als bron van hoogwaardige voedingsstoffen heel hard nodig is om een groeiende wereldbevolking te voeden.”