Gebruikt de industrie of de handel de meeste energie?

0
Leestijd: 2 minuten

Vorige week donderdag had de FNLI, de Federatie Nederlandse Levensmiddelenindustrie, weer haar jaarbijeenkomst, honderden leden en relaties bij elkaar, om te netwerken, maar ook voor het inhoudelijke gedeelte. (We zien hier op de foto: v.l.n.r. gastvrouw Margreet Spijker en de deelnemers aan de paneldiscussie, Guido Landheer (directeur Europees, internationaal en agro-economisch beleid en plaatsvervangend directeur-generaal ‘agro’ van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij), EFMI-directeur Laurens Sloot, Petra Berkhout (landbouweconoom, Universiteit Wageningen), Maarten Elsinga (ceo Zwanenberg en vice-voorzitter van de FNLI) en Rob Morren (sectorbankier ‘food’ bij ABN Amro, fotobron: FNLI).

Maar tegelijkertijd bracht de FNLI ook de gebruikelijke ‘monitor’ uit, een jaarlijkse meting van de stand van zaken in de Nederlandse levensmiddelenindustrie (export, import, werkgelegenheid etc.). Die monitor gaat meestal over het jaar ervóór, dus in dit geval over 2021 ten opzichte van 2020.
Maar we krijgen dit jaar ook een overzicht met recentere gegevens. De FNLI: “In de periode vanaf januari 2021 stegen een aantal belangrijke kostenposten voor de levensmiddelenindustrie ongebruikelijk snel. Het gaat om kosten voor goederen (agrogrondstoffen, verpakkingsmaterialen, energie, e.d.) en diensten (logistiek, advies, etc.).”

Wat blijkt? Gemeten vanaf januari 2021 tot nu zijn de energiekosten met ruim 300% gestegen. Ja, dat is publicitair gezien wel een klap in het gezicht, zonder meer.
En daar blijft het niet bij.

Goederenvervoer over zee: bijna 170%. Goederenvervoer over binnenwater: ongeveer 140%. Verpakkingsmateriaal ‘gegolfd, papier en golfkarton’: ongeveer 135%. Verpakkingsmateriaal van kunststof en lichte metalen: ongeveer 130%.
En zo nog een paar noemers.

De grondstofkosten zijn daarentegen weer wat gedaald. Die stegen van januari 2021 t/m maart dit jaar met ongeveer 130%, maar zijn sindsdien weer gedaald, naar ongeveer 120%.

Voor wie is dit signaal bedoeld? Voor stakeholders. Dat kan zijn: politiek Den Haag. Met als boodschap van de FNLI: Den Haag, kijk hier eens naar. Dat kan ook zijn: afnemers van die industrie, dus supermarkten bijvoorbeeld. Met als boodschap: Albert Heijn, Jumbo, Plus, Lidl etc., kijk hier eens naar.

Maar Albert Heijn bijvoorbeeld kan dan een producent aan tafel in zo’n eindejaarsgesprek straks een soortgelijk plaatje laten zien: de energiekosten van ongeveer 960 winkels in Nederland. Van de vele dc’s, van de vrachtwagens die van dc naar alle winkels rijden en uiteraard ook nog de bestelwagens van AH die naar de bestellende klanten thuis rijden.

Wie verbruikt de meeste energie, de handel of de industrie? Dat wordt nog een leuk eindejaarsgesprek. En stel, iemand wint. De ene heeft meer kosten gemaakt dan de ander, productie, vervoer etc…. En dat zou je dan bekendmaken.
Daar gaat dan straks Milieudefensie op af. ‘Jouw uitstoot moet drastisch omlaag!’.