Een ode aan Rosanne

0

Behalve Sylvana Simons zijn er maar weinig vrouwen die de afgelopen periode zoveel haat en nijd over zich heen hebben gekregen als NRC-columniste Rosanne Hertzberger, nichtje van de onlangs afgezwaaide Albert-Heijncoryfee Simone Hertzberger. Allicht dat Rosanne iets van het nuchtere pragmatisme van haar tante in de genen heeft. In ieder geval heeft zij met haar Ode aan de E-nummers. Waarom E-nummers, kant-en-klaarmaaltijden en conserveermiddelen ons leven beter maken een moedig, realistisch en uiterst leesbaar boek geschreven.

 

Al eerder wees ik erop dat we sinds de Tweede Wereldoorlog druk bezig zijn geweest het technologische karakter van ons voedsel te verbergen achter een landelijke idylle van lieflijke boerderijtjes en zonovergoten korenvelden. De ongemakkelijke werkelijkheid van de industriële landbouw en veeteelt, met zijn nare consequenties voor gezondheid, dierenwelzijn en milieu, stopten we lekker diep weg. Daar krijgen we nu de rekening voor gepresenteerd.

 

Maar al die valse romantiek heeft nog een ander, niet minder groot nadeel: als sector krijgen we totaal geen krediet voor wat er dankzij de voortgeschreden technologie juist goed is gegaan. Consumenten beseffen nauwelijks hoeveel zij eigenlijk te danken hebben aan de vooruitgang die dankzij voedselproducenten en supermarktketens is gerealiseerd. Terecht wijst Rosanne op de belangrijke rol die de levensmiddelensector heeft gespeeld in de emancipatie van de vrouw. Zou haar deelname aan het arbeidsproces er niet heel anders hebben uitgezien als zij nog net als vroeger elke avond twee en een half uur in de keuken had moeten staan?

 

Het zijn dingen die zelden tot consumenten doordringen en de reden is simpel: wij vertellen het ze niet. Zoals we ook niet vertellen dat biologische landbouw en veeteelt nogal wat bezwaren kennen en dat onze zogenaamde ‘lokaal’ geteelde tomaten in feite het resultaat zijn van geavanceerde zaadtechnologie.

 

Onder consumenten is een hardnekkig geloof ontstaan dat voedsel alleen deugt als het vers en onbewerkt is. ‘Voedsel moet ambachtelijk en natuurlijk zijn. Simpel, vers en zelfgemaakt’, vat Hertzberger het centrale dogma van deze wijdverbreide kookreligie kort samen. Haar boek is in feite één groot pleidooi voor het tegendeel: lang leve het grootschalig geproduceerd voedsel, met behulp van moderne technologie tot stand gekomen en houdbaar gemaakt. Want alleen daardoor zijn we in staat zowel tegemoet te komen aan de behoefte van de consument aan gemak, als aan de noodzaak ons voedselsysteem te verduurzamen.

 

Kenmerkend voor de slappe, masochistische houding van de foodsector is dat er bij alle publiciteit rond Hertzbergers boek niet één bobo uit de branche is opgestaan die openlijk verklaart dat zij het grootste gelijk van de wereld heeft. Dat we trots kunnen zijn op wat we al hebben bereikt, maar dat we verder moeten en dat technologie, consumentengemak, verduurzaming en efficiency daarbij hand in hand zullen gaan. Dat gentechnologie nodig weer bespreekbaar moet worden gemaakt en dat het verstandiger is consumenten mee te nemen in de digitale wonderwereld van 21e-eeuwse precisielandbouw dan in het onbeholpen geknutsel aan 19e-eeuwse moestuintjes.

 

Nee, wij laten de consument liever geloven in technofobe fabeltjes. Laat ik dan maar de eerste zijn die een ode aan Rosanne durft te brengen. Wie volgt?

 

Frits Kremer