Waarom Tesco maar wát blij is met z’n 16.000 vacatures

0
Leestijd: 4 minuten

Tesco maakte vier dagen geleden bekend dat het opeens 16.000 vacatures heeft. Een heerlijk luxeprobleem, kennelijk. Waarom? Omdat je gaandeweg steeds meer klanten hebt. En: het helpt enorm tegen de opkomst van Aldi en Lidl. en Amazon. Noem het maar gerust een opluchting.

Eerst even dit: hebben we ooit AH of Jumbo horen roepen dat het duizenden extra mensen nodig heeft? Nee. Kennelijk zit dat niet in de aard van de Nederlandse kruideniersbeestjes. In Engeland is dat juist wél zo: als Tesco in, zeg, Halifax of Huddersfield of Huntingdown, een filiaal opent, dan meldt Tesco in het begeleidende persbericht altijd dat het bedrijf met de opening ervan zus- of zoveel nieuwe banen heeft gecreëerd. Met onze Nederlandse bril: schijnt typisch Engels te zijn, ‘kijk wat we in termen van werkgelegenheid voor de lokale gemeenschap doen!’.

Nederlandse supermarkten zeggen dat doorgaans niet. En het is voor een deel ook ‘fake-nieuws’, want de opening van een nieuwe Tesco houdt vaak ook in dat de slagerij, kaaswinkel, bakkerij etc. in Halifax of Huddersfield of Huntingdown kan sluiten. Die speciaalzaak-ondernemer zou eigenlijk beter meteen chef kunnen worden van de versafdeling waarvan hij de concurrentiestrijd gaat verliezen. Maar dat is een ongerijmde redenering, want een specialist – eigen onderneming, eigen huurkosten, eigen personeel, eigen ‘vrijheid’ – gaat niet meteen solliciteren zodra hij hoort dat er een Tesco in lokale marktgebied landt. (Overigens, deze beschrijving is vooral een patroon uit de jaren negentig en ‘0, de laatste jaren probeert ook in Engeland een groep consumenten de lokale levensmiddelenzaak te behouden door met de portemonnee te stemmen…)

Maar los daarvan. Tesco maakte afgelopen weekend bekend dat het 16.000 mensen nodig heeft. Nee, geen winkelpersoneel. Vooral orderpickers en bezorgers. Omdat? Omdat Tesco in z’n thuisland en in Ierland gaandeweg steeds meer internetbestellingen krijgt, als gevolg van de coronapandemie – dat laatste zegt het bedrijf het trouwens niet bij.

Tesco’s internetoperatie bloeit dus als nooit tevoren. Dat zou ons, in de Nederlandse supermarktsector, iets moeten zeggen over het potentieel van online levensmiddelen bestellen? Deels wel, ja. Ook AH en Jumbo, met name die twee, kregen in ons land vanaf de lockdown een stevig aantal extra internetbestellingen te verwerken, ze hadden het er zelfs moeilijk mee, want na verloop van tijd gingen ze werken met ‘venstertijden’. Zomaar bestellen niet meer. Maar nog altijd is de toename van internetklanten in onze sector niet vergelijkbaar met Tesco in Engeland, alleen al omdat het VK veel meer inwoners heeft en ook omdat in Nederland per zoveel inwoners er veel meer supermarkten beschikbaar zijn dan in Engeland.

Tesco heeft in elk geval ook bekendgemaakt dat het die 16.000 vacatures gaat vervullen met mensen die nu bij Tesco een flexbaan hebben. Dat blijken er ruim 10.000 te zijn. En daarmee is een groot deel van die behoefte aan mensen al afgedekt. Ze werkten al in Tesco-klederdracht, ze staan al bij Tesco geregistreerd, ze hoeven alleen maar een handtekening te zetten onder een nieuw contract. Als je dat beseft, besef je ook meteen dat het persbericht eigenlijk meer een preek voor eigen parochie was: kijk ons toch groeien!

Waarom moet dan toch wereldkundig worden gemaakt? Omdat Tesco ten eerste gewoon hartstikke in z’n nopjes is met wat er in Engeland en ook in Ierland gebeurt. Tesco zegt als voetnoot in z’n persbericht; vóór de corona-uitbraak was zo’n 9% van de Tesco-omzet online, nu is die online-omzet opeens inmiddels 16% van de omzet. En: die omzet was 3,3 miljard Britse ponden, maar is nu 5,5 miljard Britse ponden. Omgezet naar euro: € 3,7 miljard eerst en nu € 6,1 miljard. En inderdaad, da’s geen kattepis.

En ten tweede gaat het in deze tijd van corona vooral van ‘auw en pijn en detailhandel in de problemen’, maar tech juist doet het geweldig. En als je van jezelf kunt melden dat je ook bij de winnaars behoort; bij de marktpartijen waarvan de relevantie ervan voor de consument in coronatijden juist toeneemt – zoals… Amazon, Just Eat Takeaway etc. – dan is dat mooi meegenomen. Zeker als beursgenoteerde grootheid.

En dat is – ten derde – des te fijner als jouw marktgebied allang overstroomd is door aanbieden van ‘allesvreter’ Amazon. Zelfs al is dat nog vooral non-food.

En dan ten vierde, en dat is ‘last but not least’: Tesco was ooit de onverslaanbare Britse foodretailreus. Aan het concurreren met Walmart, Carrefour, Ahold, Auchan, Casino, Tengelmann etc., etc. in de plekken op de wereld waar de nieuwe welvaart zou ontstaan (voormalig oostblok, Azië etc.). Die strijd heeft Tesco allang moeten opgeven. Toen ‘koning’ Terry Leahy als ceo werd opgevolgd door Dave Lewis, trok die laatste al snel overal de stekkers eruit, om verliezen te besparen, Tesco’s rol op het wereldkruidenierstoneel was meteen uitgespeeld. Gepaard gaande met stevige winstwaarschuwingen.

Maar de problemen zaten niet alleen in het buitenland. Tesco was ooit onverslaanbaar marktleider in eigen land, ongeveer vanaf 1996. Maar daar is de laatste jaren een paar deuken in geslagen. Door? Aldi en Lidl. De traditionele ‘big four’ (Tesco, Sainsbury, Asda en Morrison) hebben sinds ongeveer 2010-2011 allemaal last van het alsmaar groeiende Aldi en Lidl. Bedenk: ooit had Tesco bijna 30% marktaandeel, vandaag de dag is dat ongeveer 27%, we bedoelen maar.

Met andere woorden, ingeklemd tussen Amazon aan de linkerkant en Aldi en Lidl aan de rechterkant – maar opeens, tijdens de coronacrisis, blijkt dat de Britse consument weer bij jou internetboodschappen gaat bestellen! En niet bij Amazon (minder Engels en minder eten, natuurlijk) en ook niet bij Lidl en Aldi (minder sku’s, natuurlijk). En dat is dus de grote blijdschap bij Tesco! Het is een soort opluchting.