Drukte op de openingsdag van de 80e Belgische Albert Heijn winkel, vorig jaar, in Lebbeke.
Drukte op de openingsdag van de 80e Belgische Albert Heijn winkel, vorig jaar, in Lebbeke.

EFMI: huismerken AH in Nederland 4% goedkoper dan in België, A-merken 2% duurder

Door: Marieke Venbrux · leestijd 3 minuten Nieuws

Huismerken zijn in Nederlandse Albert Heijn-supermarkten gemiddeld bijna 4% goedkoper dan in Belgische AH-winkels, A-merken zijn 2% duurder. Dat is een van de bevindingen uit een analyse van EFMI Business School van het supermarktprijspeil in Nederland, België en Duitsland.

EFMI deed deze analyse op verzoek van het CBL en maakte daarbij gebruik van onafhankelijke databronnen, zoals Eurostat, Superscanner, de Benchmark Supermarkten van Marshoek en de Kamer van Koophandel. Twee vragen stonden daarbij centraal
1. Hoe verhoudt het supermarktprijspeil in Nederland zich tot dat in België en Duitsland en wat zijn de mogelijke oorzaken voor prijsverhogingen en -verschillen tussen de landen?
2. Hoe winstgevend zijn Nederlandse supermarkten? Ofwel, worden supermarktorganisaties ‘gierend rijk’ over de rug van de Nederlandse consument?

‘Boodschappen doen in Nederland niet duurder’ 

Een van de bevindingen is dat boodschappen doen in Nederland ‘in algemene zin’ niet duurder is dan in België en Duitsland – iets wat EFMI-directeur Laurens Sloot onlangs ook al aangaf in de speciale hoorzitting over voedselprijzen in de Tweede Kamer.  

Alcoholische dranken 

De consumentenprijzen voor voeding en non-alcoholische dranken in Nederland liggen (in 2023) gemiddeld lager dan in België (-4,5 procent) en Duitsland (-3,7 procent). Voor alcoholische dranken geldt dat consumenten in Nederland goedkoper uit zijn dan in België (- 13,3 procent), maar fors duurder dan in Duitsland (+ 17,1 procent). 

AH Nederland: 0,7% duurder vs. 1,6% goedkoper

Dat beeld wordt bevestigd door like-for-like-prijsvergelijkingen die de onderzoekers deden van identieke boodschappenpakketten bij Aldi (in Nederland, België en Duitsland) en Albert Heijn (in Nederland en België). Uit deze vergelijkingen blijkt dat het prijsniveau in Nederland nauwelijks verschilt van dat in België en Duitsland. De prijzen in de Nederlandse, Belgische en Duitse Aldi-winkels ontlopen elkaar nauwelijks. Ook het prijsverschil tussen AH België en AH Nederland is beperkt. Zo is in de eerste 11 weken van 2025 AH Nederland bijvoorbeeld ‘slechts’ 0,7% duurder dan AH België - en dat terwijl AH in Nederland als relatief dure supermarkt wordt beschouwd, terwijl de formule op de Belgische markt een voordeliger prijsimago heeft en België een lager btw-tarief kent, aldus de onderzoekers. Overigens: mét promoties is AH Nederland juist 1,6% goedkóper dan AH België - wat volgens de onderzoekers aangeeft dat promoties een bron voor prijsverschillen kunnen zijn

Op product- en merkniveau wél prijsverschillen 

Hoewel het ‘overall’ prijspeil tussen landen beperkt afwijkt, zijn er op product-/merkniveau wel flink wat prijsverschillen. Uit de prijsvergelijking van AH Nederland met AH België blijkt dat slechts 20% van de 7067 identieke producten in beide landen dezelfde prijs heeft. Huismerken zijn zoals gezegd in Nederlandse AH-winkels gemiddeld 4% goedkoper, A-merken zijn hier juist 2% duurder. Trekken we de lijn door, aldus de EFMI-onderzoekers, dan kan het voor Nederlandse consumenten lonen om een bepaald boodschappenpakket in België of Duitsland te kopen, maar het omgekeerde geldt net zo: voor sommige boodschappen zijn Belgische en Duitse consumenten in Nederland juist goedkoper uit.

Prijsverschillen: vier oorzaken 

De EFMI-onderzoekers noemen vier mogelijke oorzaken voor prijsverschillen tussen landen. Zo zorgen de Nederlandse btw-tarieven voor een prijsverhogend effect van 2,4 procent ten opzichte van België en 1,8 procent ten opzichte van Duitsland. Ook de accijnzen op non-alcoholische en alcoholische dranken zorgen voor een prijsopdrijvend effect in het nadeel van Nederland. Andere oorzaken van verschillen in consumentenprijzen zijn promotiedruk, de gestegen kosten waarmee Nederlandse supermarkten worden geconfronteerd, zoals loonkosten, huurprijzen en energiekosten, en de aard van het supermarktlandschap en de concurrentieverhoudingen daarbinnen.

Operationele winstgevendheid daalt 

Tot slot concluderen de onderzoekers dat Nederlandse supermarkten zich níet verrijken over de rug van de consument, zoals onder andere de Telegraaf een tijd geleden insinueerde. Sterker, uit een uitgebreide financiële analyse van de winstgevendheid van foodretailers in de periode 2019- 2023 blijkt dat de operationele winstgevendheid (EBIT, winst voor belasting en rente) in de Nederlandse supermarktbranche een structureel dalende trend vertoont. Een internationale vergelijking leert volgens de onderzoekers ‘dat de winstgevendheid van Nederlandse supermarkten in lijn met, of iets onder het niveau van Belgische en Duitse supermarkten ligt’. 

Nettowinst supermarktfiliaalbedrijf: 0,7%

De winstgevendheid van supermarkten staat onder toenemende druk door stijgende inkoopprijzen en de fors toegenomen operationele kosten. De gemiddelde (ongewogen) brutomarge van een supermarktfiliaalbedrijf (dus zonder de resultaten van individuele supermarktondernemers, red.) bedraagt volgens de EFMI-onderzoekers 27,4 procent. Daarvan gaat 26,4 procent op aan bedrijfskosten. Wat resteert, is een bedrijfsresultaat (EBIT) van slechts 1 procent met een nettowinst van 0,7 procent.   

‘Essentieel in debat over stijgende voedselprijzen’ 

Hoewel de gemiddelde winstmarge over een langere periode rond de 2 procent ligt, tonen de cijfers aan dat supermarkten dus structureel met zeer smalle marges werken. Deze realiteit is ‘essentieel in het debat over stijgende voedselprijzen’, aldus het CBL. Supermarkten doen er volgens de brancheorganisatie ‘alles aan om kostenstijgingen intern op te vangen’: efficiëntere logistiek, digitalisering van processen, strakkere personeelsplanning en scherpere inkoopafspraken, met name bij huismerken, helpen om concurrerend te blijven in een markt die al jaren onder hoge prijsdruk staat.

CBL: ‘toets beleid dat voedselprijzen beïnvloedt op effecten’

Desondanks staat de positie van supermarkten onder druk door de optelsom van gestegen inkoopprijzen en gestegen operationele kosten, aldus algemeen directeur Marc Jansen van het CBL. “Supermarkten zetten alles op alles om boodschappen betaalbaar te houden, ondanks aanhoudende kostenstijgingen. Beleid dat direct of indirect invloed heeft op de voedselprijzen — zoals belastingmaatregelen of verhoging van het minimumjeugdloon — moet daarom vooraf getoetst worden op de effecten voor consumenten. Alleen zo kunnen we samen zorgen voor een betaalbaar voedselsysteem voor iedereen.”

Nieuws

Personality's

Opinie

Productnieuws

Branche & Cijfers