
Die Grenze zoekt conflict met NVWA over prijzen alcoholische dranken
Door: Gé Lommen · leestijd 1 minuut NieuwsDe eigenaar van discountketen Die Grenze, Bert Hesselink, zoekt het conflict op met de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). Dat blijkt uit een artikel in de Gelderlander.
Het conflict: Hesselink verkoopt welbewust bier met te veel korting, aldus de NVWA. Hij heeft al enkele brieven ontvangen met aanmaningen van de NVWA en zelfs ook al boetes. De laatste boete (€ 5.000,-, zo blijkt) is de derde boete die Hesselink al gekregen heeft. Maar betalen, dat doet Hesselink niet.
‘Meer dan maximaal toegestane korting van 25%’
Deze laatste boete ging om een sixpack Hoegaarden-witbier (fles), met een consumentenprijs van € 4,99. Dat is meer dan de maximaal toegestane korting, van 25%, aldus de NVWA. Maar Hesselink vindt van niet. Hij vindt dat de NVWA de regels van deze ‘Alcoholwet’ verkeerd interpreteert. En hij houdt vast aan zijn interpretatie van die wet, die sinds 2021 voorschrijft dat een alcoholische drank maximaal 25% korting mag hebben.
Verschil in uitleg Alcoholwet
Wat is het verschil in uitleg dan? Volgens de NVWA is er sprake van te veel prijsverlaging, ten opzichte van ‘wat de gewone prijs is’, zogezegd. En wat is dan die ‘gewone prijs’? De laagste reguliere prijs die een van de supermarktformules aanhoudt (of dat nu Dirk, Nettorama, Vomar etc. is, dat maakt even niet uit). En volgens de NVWA zou de keten Die Grenze zich daar ook aan moeten houden.
‘Die Grenze is geen supermarkt’
Maar dat bestrijdt Die Grenze-eigenaar Hesselink juist. Die Grenze is geen supermarktformule. Die Grenze is een discounter, van food en non-food, maar zonder vast assortiment. De formule werd door Hesselink in 2007 opgericht. Het begon in Twente, in het grensgebied Nederland-Duitsland (vandaar ook de naam van de formule), en de formule omvat vandaag de dag zo’n 75 filialen, van Oost-Nederland tot in de Randstad. Die Grenze verkoopt restpartijen, artikelen die bij andere detailhandelsformules uit het assortiment zijn gegooid of om andere reden niet meer bij supermarkten of andere detailhandel te koop zijn etc. En – aldus Hesselink – als Die Grenze anders is dan een supermarkt, dan hoeft zijn keten in zijn ogen geen rekening te houden met zo’n basisprijs in de supermarkt. Hesselink vindt dat hij zelf mag bepalen wat ‘zijn startprijs’ is, en dus ook: wat bij Die Grenze als afgeleide daarvan die wettelijk maximale 25% korting is.
Wordt vervolgd, en het is natuurlijk ook een interessante kwestie voor supermarktbedrijven.


























